Het AD stelde vijf vragen aan Jannes van der Velde van AWVN.
Het Internationaal Energie Agentschap (IEA) en de Europese Commissie adviseren werknemers onder meer om vaker thuis te werken. Zijn er momenteel werkgevers die dit stimuleren?
„Mondjesmaat. Als werkgevers hun mensen al meer thuis zouden laten werken, dan heeft dat er vermoedelijk mee te maken dat ze hen tegemoet willen komen vanwege de hoge prijzen aan de pomp. Wat betreft de brandstofvoorraad is er nog geen paniek onder werkgevers.’’
Wordt er dan helemaal niets gedaan door werkgevers?
„Uiteindelijk treft de brandstofcrisis maar een klein deel van de werkenden: een groot deel kan of gaat met het ov, met de fiets of rijdt in een leaseauto, en die groep heeft er geen last van. Niet veel werknemers zijn afhankelijk van een auto om op het werk te komen. Dat zijn voornamelijk mensen die bijvoorbeeld nachtdiensten draaien of in afgelegen gebieden werken. De mensen die er echt last van hebben, vormen een minderheid.”
„Natuurlijk kun je als werkgever meedenken als je mensen er geld op toe moeten leggen om op het werk te komen. Dat zal vast gebeuren, al horen we die geluiden nog niet, omdat het een kleine groep betreft.’’
Luister ook BusinessWise Weekly. Hierin bespreken we of de huidige stijging van benzinekosten het moment is voor bedrijven om de verduurzamingsslag te maken.
Is vaker thuiswerken dan wel een oplossing voor de huidige crisis?
„Dat we als land wat voorzichtiger omgaan met de voorraden ligt voor de hand in tijden van schaarste.”
„In het advies van de IEA staan eigenlijk drie dingen die voor werkgevers toepasbaar zijn. De eerste is: meer thuiswerken. Maar we moeten wel onthouden dat maar de helft van de werkenden dit kan; de andere helft kan het niet. Tegelijkertijd zien we de laatste tijd een trend ontstaan dat werkgevers juist striktere afspraken maken over het thuiswerken. Werknemers moeten weer vaker naar kantoor.”
Werkgevers staan er dus niet om te springen dat mensen weer vaker thuisblijven?
„Bedrijven zijn huiverig voor het verplichten van vaker thuiswerken; dat gaat namelijk weer andere problemen opleveren, zoals minder binding met het bedrijf en collega’s. Ook gaat samenwerken minder goed als iedereen thuiszit.”
„Het tweede advies waar werkgevers iets mee kunnen is vaker gebruikmaken van het openbaar vervoer. Het gebruik is nog niet terug op het niveau van voor corona. Dit zou wel een voordeel kunnen zijn van een heel vervelende situatie: dat we het ov beter gaan benutten. Wij roepen als vereniging werkgevers op om deze mogelijkheid goed te bekijken. Daarmee sla je meerdere vliegen in één klap. Het heeft natuurlijk ook voordelen voor het milieu en de drukte op de wegen.’’
„Als derde wordt carpoolen genoemd. In de coronacrisis is de verkoop van tweedehandsauto’s geëxplodeerd: iedereen zit ineens weer alleen achter het stuur. We carpoolen nog steeds veel minder dan in 2019.’’
„Van deze drie dingen zeggen we: maximaal doen. Zodat je personeel nog voor een redelijke prijs op het werk krijgt.’’
Lees ook: Blokkade Straat van Hormuz verstoort supply chains en jaagt olieprijzen aan: dit zijn de gevolgen
Wat hopen werkgevers dat de overheid doet?
„De overheid heeft de sleutels in handen wat betreft het verlagen van de accijnzen en het aanpassen van de fiscale vrijstelling voor de kilometervergoeding. Werkgevers kunnen nu maar 0,23 euro per kilometer belastingvrij uitkeren. Als ze het personeel meer willen geven, gaat de helft van die vergoeding naar de fiscus. Dat kan anders.’’
Kilometervergoeding moet 0,38 euro zijn
Om werknemers te compenseren voor gereden kilometers bieden de meeste werkgevers een vergoeding aan. Meestal is dat een vergoeding van 0,23 euro per kilometer, het maximale bedrag dat een werkgever dit jaar belastingvrij mag uitkeren voor zowel woon-werkverkeer als zakelijke ritten.
Een jaarlijks onderzoek van Vereniging Zakelijke Rijders (VZR) laat zien dat de vergoeding niet voldoende is om uit de kosten te komen. „In januari hadden wij berekend dat de gemiddelde kosten per kilometer 0,38 euro zijn. Een vergoeding van 0,23 euro is sowieso veel te laag en de huidige brandstofprijzen maken de noodzaak voor een hogere vergoeding wat ons betreft alleen maar groter.’’
De organisatie berekende dat voor een auto met een waarde tot 25.000 euro een kilometervergoeding van 0,28 euro nodig is; voor een grote auto met een waarde boven de 45.000 euro adviseert VZR zelfs een vergoeding van 0,51 euro per kilometer.
Bron: AD/Sanne Wolters