Persoonlijke ontwikkeling

Worden we dommer van AI? Martijn Aslander gebruikt het al 6 maanden anders: ‘Ik ben slagvaardiger dan ooit’

Martijn Aslander, techfilosoof: ‘Als je de output van AI op een slimmere manier verwerkt, word je er slimmer van. En in elk geval handiger’
Martijn Aslander, techfilosoof: ‘Als je de output van AI op een slimmere manier verwerkt, word je er slimmer van. En in elk geval handiger’Eigen foto
Leestijd 10 minuten
Over de Expert:
martijn aslander
Martijn Aslander
Spreker, technologie-filosoof en oprichter van Digitale Fitheid

In het kort:

Het gevaar van AI: wie chatbots puur gebruikt voor snelle, kant-en-klare antwoorden, traint zijn brein niet meer en bouwt een ‘cognitieve schuld’ op.

De omkeer: door output systematisch te verwerken met agentic AI (zoals Claude Code), verander je de technologie in een feilloos extern geheugen.

Het resultaat: na 6 maanden testen ervaart techfilosoof Martijn Aslander meer mentale ruimte, een ongekende productiviteit én een aantoonbaar betere nachtrust.

Sinds een maand of vier ben ik energieker dan ooit, productiever dan ooit, maar volgens velen stijgt ook de kwaliteit van mijn output ongekend. De oorzaak is dat ik heb uitgevonden hoe agentic AI mijn cognitieve zwaktes kan helpen opvangen en mijn cognitieve krachten kan vermenigvuldigen. Dat doe ik door alles wat ik doe, ontdek en bouw, slim vast te leggen met behulp van agentic AI.

In het huidige publieke debat gaat een populair geluid rond dat je dom wordt van AI. Voor de meeste gebruikers klopt dat ook. Niet omdat de technologie dat veroorzaakt, maar doordat het gebruik ervan dat afdwingt.

Als je de output van AI op een slimmere manier verwerkt, gebeurt zelfs het omgekeerde: je wordt er slimmer van. En in elk geval handiger.

Veel mensen realiseren zich dat niet, maar op geen enkele plek in je brein bestaat informatie als één gegeven. Kennis wordt afgeleid uit vele miljarden verbindingen. De intelligentie zit in de verbindingen, niet in de informatie zelf. En computers zijn verschrikkelijk goed in precies dat: verbindingen leggen en logica daaruit afleiden.

De harde cijfers: scholieren presteerden 17% slechter zónder AI

AI is de tolk. De computer is het geheugen. En bij elke sessie worden alle verbindingen die ik ooit heb gelegd automatisch meegeladen. Ik schreef daar eerder uitgebreider over: onze intelligentie zit in synapsen, niet in neuronen.

Onderzoekers van de Wharton School van de University of Pennsylvania deden er uitgebreid onderzoek naar. Scholieren die AI gebruikten voor kant-en-klare antwoorden presteerden tijdens gebruik 48 procent beter. Maar zodra de AI werd weggehaald, presteerden ze 17 procent slechter dan de groep die nooit AI had gebruikt.

De valkuil van ‘cognitieve schuld’: je brein als een luie spier

De onderzoekers noemen dit cognitive debt: cognitieve schuld. Wat er gebeurt als je steeds vaker een antwoord ophaalt in plaats van het zelf uit te denken. Het lijkt efficiënt, maar ondertussen raak je het oefenen kwijt. En een spier die je niet gebruikt, verzwakt doorgaans. De onderzoekers kwamen erachter dat de groep die AI gebruikte voor hints als opstapje naar het goede antwoord dat nadeel niet had.

Mensen zijn dol op het besparen van hersenenergie. Ze zijn er zo goed in dat ze het zelf niet eens doorhebben. Zo worden biases gevormd. En als je iemand de keuze geeft tussen makkelijk en moeilijk, kiest hij instinctief voor makkelijk. Dit is de reden waarom miljarden mensen dagelijks AI gebruiken alsof het Google is.

Met AI bedoel ik hier hallucinerende chatbots, niet te verwarren met agentic AI. Elke dag produceert AI voor bijna een miljard mensen analyses, inzichten en oplossingen die doorgaans eenmalig worden gebruikt en daarna verdwijnen. Dat is niet alleen verspilling van de enorme rekenkracht, energie en waterkoeling die nodig zijn om het te produceren, maar ook een gemiste kans voor jezelf.

Bij vrijwel elke zoekopdracht of opdracht die ik aan AI geef, stop ik niet na het antwoord. Voor mij begint het dan pas

Martijn Aslander Techfilosoof

Alles wat je als output krijgt is waardevol en herbruikbaar: inzichten, feiten, bronnen, lessen. Als je dat langdurig slim bewaart, ontstaat er iets wat in de buurt komt van intelligentie. In elk geval gevoelsmatig.

De meeste mensen denken: waarom zou ik alles bewaren, dat is toch veel gedoe? Maar de moeite die iets kost is vaak een signaal dat je iets doet wat anderen niet doen, zo schreef Seth Godin het onlangs. En als het systeem eenmaal loopt, kost het bewaren niets meer. Dan verdwijnt ook de reden om het niet te doen.

De mensen die het verst komen met AI zijn niet degenen die het het langst gebruiken, maar degenen die er het meest systematisch van leren.

Bij vrijwel elke zoekopdracht of opdracht die ik aan AI geef, stop ik niet na het antwoord. Voor mij begint het dan pas. De output sla ik op de juiste plekken op in een eigen systeem, zodat ik er later doorheen kan zoeken en het kan bevragen. Ik vraag ook hoe de AI tot het antwoord kwam, wat er geleerd was. En als iets de eerste keer niet lukte: wat er misging en wat daarna goed ging.

En dan nog twee vragen die ik bewust compact en veelzijdig formuleer: wat kunnen we hiervan later nog gebruiken, en hoe, waar, waarom en op welke manier gaan we dit vastleggen? Tien woorden, maar de AI moet over vijf dimensies tegelijk iets formuleren. Dat scheelt enorm veel typewerk en levert veel rijkere output op dan vijf losse vragen.

Hoe Claude Code mijn computer veranderde in een extern geheugen

Die lessen verdwijnen niet in een notitie of een map. Ik zeg tegen Claude Code, een AI-assistent waarmee ik rechtstreeks bestanden op mijn computer kan aanmaken en automatisch kan laten aanpassen voor het schrijven van code en andere handige dingen, ‘sla dit op’. Claude Code doet dat gestructureerd: wat was de vraag, wat was de oplossing, in welk domein valt dit, en hoe ver is deze kennis al ingedaald. Want dat laatste telt. Een les die je één keer hebt gezien is iets anders dan een les die je drie keer hebt toegepast en nu automatisch doet.

Al die lessen komen terecht in een database op mijn eigen computer. Niet als losse notities, maar als gestructureerde bouwstenen die met elkaar kunnen praten. Met een klein script voeg ik verbindingen toe tussen wat ik al had, groepeer ik volautomatisch de inzichten en lessen per domein en wordt zichtbaar hoe alles samenhangt.Bij elke nieuwe sessie worden alle opgeslagen lessen automatisch meegeladen.

Een AI die onthoudt wat ik drie maanden geleden leerde

Claude Code weet wat ik de afgelopen maanden heb geleerd en past dat toe zonder dat ik het hoef te vragen. Een les van drie maanden geleden activeert een inzicht van vandaag, zonder dat ik me die les bewust hoef te herinneren. Het grootste deel van dit werk heeft niets met AI te maken. Met behulp van AI maak ik scripts die de informatie op de juiste plek wegschrijven op mijn eigen computer. Daardoor is alles niet alleen terugvindbaar, maar ook bruikbaar als bouwsteen voor elke volgende stap.

Ik heb inmiddels een kennisbank opgebouwd over hoe code werkt, niet werkt en hoort te werken. Niet alleen voor scripts op mijn computer, maar ook voor iPhone-apps, Mac-apps en voor het veilig houden van mijn server. De computer doet het redeneerwerk. AI helpt me die structuur te bouwen.

De drie mechanismen die hier onder de motorkap draaien, spaced repetition, cognitive offloading en metacognitie, zijn wetenschappelijk bewezen effectief voor leren en retentie. Ik pas ze gewoon dagelijks toe. Dit doe ik al een half jaar dagelijks. Het archief wordt steeds verder en dieper verbonden en verweven, en daardoor sneller en rijker bruikbaar.

'Vier keer per dag stelt het systeem mij een spiegelvraag'

Het systeem stelt ook vragen aan mij. Vier keer per dag, ochtend, middag, avond en nacht, opent Claude Code een gesprek. Geen pop-up, geen melding. Gewoon een vraag: wil je dit nu doen, snel doen, of uitstellen? Pas als ik kies, gaat het verder.

Die gesprekken bevatten een spiegel van wat ik die dag heb gelogd, een terugblik op eerdere jaren, wat deed ik op deze datum in 2022, 2019, een check op morgen, en altijd één kernvraag: vergat ik nog iets? Niet ‘wat heb je geleerd?’ maar ‘wat is er bijna verloren gegaan?’

Wat ik concreet merk: ik slaap beter sinds ik dit doe, ik houd meer dan 2000 dagen slaapdata bij, dus ik zie het

Martijn Aslander

Daarnaast heeft het systeem een leerregister met spaced repetition. Een les die ik heb opgeslagen komt automatisch terug op het moment dat hij anders vergeten zou worden, op een interval dat meegroeit naarmate ik laat zien dat ik hem ken. Het systeem dwingt me niet na te denken. Het creëert een moment waarop nadenken vanzelf gebeurt.

Mijn eigen AI-assistent 'Alexander' zoekt in 250 miljoen publicaties

Wat ik concreet merk: ik slaap beter sinds ik dit doe. Ik houd meer dan 2.000 dagen aan slaapdata bij, dus ik zie het. Ik hoef minder dingen te onthouden omdat ik het systeem vertrouw. En daardoor heb ik meer mentale ruimte voor het leggen van verbindingen in plaats van het opslaan van informatie.

Twee voorbeelden van hoe dat er in de praktijk kan uitzien na een half jaar bouwen. Mensen om me heen die hetzelfde mechanisme wilden bouwen, hadden er niet veel voor nodig.Ik heb met behulp van Claude Code een agent gebouwd die ik Alexander noem, naar Alexander von Humboldt, de wetenschapper die als eerste alle natuurkennis in één werk samenbracht.

Lees ook: Wie de AI-race wint is volstrekt niet interessant: het is namelijk geen race

Alexander kan zoeken in meer dan 250 miljoen wetenschappelijke publicaties tegelijk. Maar dat is niet het bijzondere. Het bijzondere is wat hij daarna doet: hij kruist wat hij vindt met de boeken in mijn eigen digitale bibliotheek, met mijn blogposts, mijn weekbrieven en mijn eigen boeken. Hij beoordeelt de kwaliteit van het onderzoek, benoemt wat er ontbreekt in de literatuur, en legt verbindingen tussen bronnen die elkaar normaal nooit tegenkomen.

Alles wat Alexander teruggeeft gaat automatisch het systeem in, verbonden met wat er al was, zonder dat ik daar iets extra’s voor hoef te doen. En elke donderdag om drie uur ‘s nachts draait er automatisch een systeem op mijn server dat zoekt, kruist en filtert, en elke week een beetje preciezer wordt op basis van wat ik daadwerkelijk implementeer. Hoe dat werkt schreef ik eerder op in mijn weekbrief op LinkedIn.

Agentic AI als tweede brein. Beeld gegenereerd met Google Gemini
Agentic AI als tweede brein.Beeld gegenereerd met Google Gemini

Hoelang gebruik je al AI zonder er iets aan over te houden? Je hebt vragen gesteld die goed waren, antwoorden gekregen die waardevol waren en inzichten opgedaan die je verder hielpen. Maar als er niets was dat die lessen opving, zijn ze grotendeels verdampt.

Wat had je nu geweten als elk van die lessen was vastgelegd, verbonden en teruggekomen op het moment dat je het nodig had? Het goede nieuws: je kunt vandaag beginnen. En hoe ver je gaat, bepaal je zelf.

Wil je klein beginnen? Begin met een tekstbestand en vier vragen. Wat was de vraag, wat was het antwoord, wat leerde ik ervan, wanneer is dit bruikbaar. Ze kosten je een minuut per sessie. En elke keer dat je ze stelt, wordt je systeem een stukje rijker. Wil je alles wat je ooit bij AI hebt geleerd robuust bewaren en met elkaar laten praten? Dan heb je een vorm van gestructureerde opslag nodig.

Dat klinkt ingewikkeld, maar dat is precies waar Claude Code bij helpt. Hij bouwt als het ware een enorme walk-in closet voor je, hij gaat zelf naar IKEA, haalt alle spullen op, zet alle kasten en accessoires in elkaar, lijnt ze uit, voorziet alle kasten en lades van labeltjes, weet wat je op welke plek wil bewaren, haalt het er ook weer uit als je het nodig hebt, en kan je bovendien adviseren over wat wel en niet bij elkaar past. Jij hoeft alleen te zeggen wat je wilt bewaren.

Het systeem groeit mee met wat je erin stopt. Begin klein. De rest volgt vanzelf. Voor mij werkt het, en mensen om me heen die het hebben nagebouwd zien hetzelfde. Of het voor jou werkt, ontdek je alleen door het te proberen. Wat doe jij met het leerkapitaal dat AI voor je maakt? Hoe zo’n systeem er in de praktijk uitziet, is te zien via deze link.

Agentic AI Masterclass: na drie avonden met Martijn Aslander kijk ook jij anders naar AI

Iedereen praat over AI, maar de meesten gebruiken het verkeerd. Waarom? Omdat traditionele AI vastloopt op ongestructureerde Word-documenten en pdf’s, leidt dat tot hallucinaties en fouten. In drie BusinessWise-meetings (9, 16 en 23 juni) laat Martijn Aslander zien hoe het wél moet.

Om de kwaliteit en interactie te garanderen, is er plek voor maximaal dertig deelnemers. Claim nu jouw stoel via businesswise@dpgmedia.nl.

Ontvang elke week het beste van BusinessWise in je mailbox. Schrijf je hier nu gratis in:

Delen: