Massale overstap naar andere sectoren
Onderzoeker Astrid Ruland (DNB): „Wat ons vooral opvalt, is dat arbeidsmobiliteit zich niet beperkt tot een wisseling van werkgever: een meerderheid van de baanwisselaars stapt óók over naar een andere sector.”
Ruland vervolgt. ,,De belangrijkste conclusie is dan ook dat arbeidsmobiliteit misschien wel breder is dan vaak wordt gedacht, en dat intersectorale stromen een substantieel onderdeel vormen van de dynamiek op de arbeidsmarkt.’’
De harde cijfers op een rij
Jaarlijks wisselt een op de zes werknemers van werkgever, aldus DNB. Deze conclusie wordt getrokken op basis van CBS-data over de periode 2011-2025. Van de mensen die van baan wisselen, stapt 57 procent over naar een andere bedrijfstak.
Grote verschillen per bedrijfstak
Er zijn echter grote verschillen tussen bedrijfstakken. In relatief kleine sectoren, zoals delfstoffenwinning en energie & afval, stroomt rond de 80 procent door naar een andere bedrijfstak. Ook in sectoren als cultuur & recreatie, facilitaire dienstverlening en landbouw is de intersectorale mobiliteit relatief hoog.
In de zorg en financiële dienstverlening geldt dat niet: ongeveer driekwart van de baanwisselaars vindt een nieuwe werkgever binnen dezelfde bedrijfstak.
Lees ook: ‘Mijn oproep aan vrouwen: laat je niet tegenhouden door het idee dat tech niets voor jou is. Jouw blik is juist nu essentieel’
Uitzendbureau en retail als springplank
Dankzij de rijke data zijn ook de herkomst en bestemming van werknemers die van bedrijfstak wisselen inzichtelijk gemaakt. Twee bedrijfstakken springen er volgens de DNB uit: de uitzendsector en de handel. Werknemers gebruiken deze sectoren mogelijk als tussenstap naar werk in andere bedrijfstakken.
Arbeidseconoom Ronald Dekker: „Dat is niet heel verrassend: het gebeurt vaak dat uitzendkrachten in dienst komen bij het inlenende bedrijf, omdat ze goed bevallen. En dan doen ze hetzelfde werk, maar werken ze wel in een andere sector, namelijk niet meer in de uitzendbranche.”
„In de handel, met name retail, werken veel jongeren en studenten. Zij zien het als een tijdelijke baan en gaan dus ook vaak naar een andere baan in een andere sector.’’
“De meest economen zeggen dat veel dynamiek altijd goed is, omdat je een betere herverdeling krijgt”
Ronald Dekker Arbeidseconoom
Waarom dynamiek op de arbeidsmarkt knelt
Arbeidsmobiliteit is volgens DNB juist nu van belang: onze economie loopt steeds vaker tegen grenzen aan door schaarste aan personeel en andere productiefactoren.
Mobiliteit kan de spanning op de arbeidsmarkt verlichten doordat werknemers sneller terechtkomen waar hun inzet en toegevoegde waarde het grootst zijn. Daarmee kan arbeidsmobiliteit ook de productiviteitsgroei ondersteunen.
Op de vraag of de arbeidsmobiliteit op dit moment hoog genoeg is, kan Dekker geen eenduidig antwoord geven. „De meest economen zeggen dat veel dynamiek altijd goed is, omdat je een betere herverdeling krijgt. Het allocatiemechanisme van de arbeidsmarkt werkt dan goed.”
De schaduwzijde van de krapte
„Maar wat je tegenwoordig ziet, is dat alle sectoren te kampen hebben met krapte. Dat betekent dat heel veel sectoren ‘last’ hebben van die dynamiek, omdat er veel mensen vertrekken.”
„Uit het rapport kan ik bijvoorbeeld niet opmaken of er veel mensen doorstromen naar banen die te maken hebben met de energietransitie. Bedrijven in die sector hebben ook moeite met het aantrekken van personeel, terwijl het daar juist heel hard nodig is: de opgave is immens.”
„Één op de zes die jaarlijks van baan verandert, vind ik vrij hoog, maar als je het vergelijkt met landen om ons heen, zitten we in de middenmoot. Waar ik nog wel heel benieuwd naar ben is of de baanwisselaars dat vrijwillig of niet vrijwillig doen. Als ze vrijwillig van baan wisselen, betekent dat waarschijnlijk dat ze meer gaan verdienen of een maatschappelijk relevantere baan krijgen. Dan kan het cijfer wat mij betreft niet hoog genoeg zijn en is één op de vier waarschijnlijk nog beter.’’
“Hoge mobiliteit kan bijvoorbeeld leiden tot hogere kosten voor werkgevers, verlies van bedrijfsspecifieke kennis en minder continuïteit binnen organisaties”
Maikel Volkerink DNB
De verborgen kosten van verloop
Een van de nadelen van hoge arbeidsmobiliteit is dat bedrijven mogelijk kennis en ervaring verliezen. Dat kan er weer toe leiden dat werkgevers minder bereid zijn om te investeren in hun personeel.
Of DNB deze nadelen van hoge arbeidsmobiliteit beaamt? Onderzoeker Maikel Volkerink (DNB) benadrukt dat het onderzoek vooral beschrijvend is. „Tegelijkertijd laten literatuur als onze analyse zien dat mobiliteit geen doel op zich is: zowel te weinig als te veel kan ongunstig zijn.”
„Hoge mobiliteit kan bijvoorbeeld leiden tot hogere kosten voor werkgevers, verlies van bedrijfsspecifieke kennis en minder continuïteit binnen organisaties. Als die kennis bijdraagt aan productiviteit, kan dit kennisverlies niet alleen voor bedrijven, maar ook op macroniveau een verlies betekenen.”
„Daarnaast kan een hoog verloop de prikkel voor werkgevers verminderen om te investeren in de ontwikkeling van werknemers, omdat een deel van de opbrengsten bij vertrek weglekt.’’ Tegelijkertijd is het spiegelbeeld ook belangrijk, zegt Volkering. „Te lage mobiliteit kan juist leiden tot mismatch en een minder efficiënte allocatie van arbeid. Het optimale niveau van mobiliteit is daardoor lastig vast te stellen.’’
Lees ook: Negen op de tien vrouwen verlaten de techsector: deze drie veranderingen zijn nú nodig
Wat kunnen werkgevers doen?
Dekker vindt het goed dat DNB ook de nadelen benoemt en kan zich vinden in de conclusies van DNB. „Te veel dynamiek gaat ten koste van de productiviteit: bedrijven moet steeds weer nieuwe mensen aanwerven die ook weer ingewerkt moeten worden. Dat kost geld en tijd. Veel economen onderschatten dat. Daarom ben ik blij dat DNB er iets over zegt.”
Wat een bedrijf moet doen om mensen binnenboord te houden? „Er is maar één antwoord: goed werkgeverschap. Dat gaat niet alleen over goede arbeidsvoorwaarden, maar ook over doorgroeimogelijkheden, dat ze autonoom hun werk kunnen doen en zeggenschap hebben.”
Schieten bedrijven zichzelf in de voet?
Dekker noemt nog een kanttekening. „Een van de oorzaken van relatief hoge arbeidsmobiliteit op dit moment is de flexibilisering van de arbeidsmarkt van de afgelopen decennia, waardoor veel werknemers met tijdelijke contracten na beëindiging niet meer terug hoeven te komen.”
„Bedrijven schieten zichzelf daarmee in een krappe arbeidsmarkt in de voet, want ze moeten steeds nieuwe mensen werven en inwerken. Ze kunnen die kosten besparen door werknemers langere contracten aan te bieden.’’
Lees ook: Aantal vacatures met ‘AI’ in titel stijgt met ruim 35 procent
Ontvang elke week het beste van BusinessWise in je mailbox. Schrijf je hier nu gratis in: