Elke week krijg ik wel eens de vraag: Thijs, moeten wij ook zo’n humanoïde aanschaffen? Meestal gebeurt dat na een LinkedIn-video van een robot die een wasmachine vult of een pallet stapelt.
Ik snap de fascinatie en deel die zelf ook met Robin, mijn Unitree G1, op het podium. Maar het eerlijke antwoord is bijna altijd: nee. Niet nu. Niet omdat de techniek niet klaar is, maar omdat júllie dat nog niet zijn. En dat heeft niets met budget te maken en alles met data.
Lees ook: Wat is de ROI van een robot? Dat is op dit moment nog de verkeerde vraag
Fysieke interactiedata als de belangrijkste bottleneck
De echte bottleneck in cognitieve robotica is niet de hardware: servomotoren, actuatoren en balans zijn bewezen technieken. De bottleneck is dat robots moeten leren, en leren kost trainingsdata: niet de generieke internetdata waarmee taalmodellen groot werden, maar fysieke interactiedata: hoe je iets vastpakt, in welke volgorde je een machine stilzet, en de handigheid die je beste operator in twintig jaar opbouwde en nooit opschreef.
Die data is schaars en niet van internet te schrapen. Zelfs koplopers als Boston Dynamics en pilots bij BMW en Hyundai draaien nog op een handvol locaties, want elke nieuwe taak vraagt om nieuwe trainingsdata. De echte concurrentiestrijd zit dus niet in de robot, maar in wie de beste demonstratiedata heeft.
Fysieke interactiedata als strategisch bedrijfsmiddel
Dat gat gaat bovendien niet blijven bestaan. De verwachting is dat modellen binnen vijf jaar richting leren op basis van één voorbeeld bewegen: robots die genoeg hebben aan één voorbeeld, in plaats van duizenden herhalingen.
Tot die tijd geldt het omgekeerde: hoe meer eigen videodata je nu opbouwt, hoe groter je voorsprong is zodra modellen wél zo snel leren. Wie dan nog moet beginnen, start vanaf nul. Wie nu al een dataset heeft, zet die morgen direct in. Eigen data is dus niet alleen een noodzaak voor vandaag, maar een asset voor de toekomst.
Precies daar ligt voor het Nederlandse bedrijfsleven een kans die niemand aangrijpt. De topsector positioneert cognitieve robotica als nationaal strategisch aandachtspunt in de Nationale Agenda Cognitive Robotica. Geen nieuw initiatief naast de eerdere Nationale Robotica Agenda van NLrobotics en FME, maar diezelfde agenda, scherper geframed en bewust smaller, met dezelfde initiatiefnemers aan tafel.
En met nationaal bedoel ik ook echt nationaal: het meeste speelt zich nu af rond Eindhoven, logisch met Brainport als motor, maar de agenda gaat over de driehoek Brainport, Rotterdam-Den Haag-Amsterdam en Enschede en moet aanhaken bij de Europese Robotica Agenda.
Dat raakt niet alleen de economie, maar ook onze veiligheid en ons verdienvermogen: wie afhankelijk wordt van robots en modellen die elders zijn gebouwd, geeft de controle uit handen over technologie die steeds dieper in onze industrie doordringt.
Lees ook: Vies, saai, gevaarlijk: geef dit werk aan een robot
Proceskennis borgen vanaf de werkvloer
Voor een maakbedrijf uit Brainport of elders klinkt ‘nationale strategische positie’ als iets voor Den Haag en universiteiten. Dat is het niet. Het begint vandaag op de werkvloer, met een camera en een goed werkinstructiedocument. Elke keer dat je beste monteur een storing verhelpt of een operator lastig handwerk verricht, ontstaat data die anders verloren gaat. Leg die data gestructureerd vast en je bouwt aan het fundament waarop de volgende generatie robots wordt getraind.
Dat is een andere volgorde dan de meeste bedrijven nu hanteren: de aanschaf van een robot staat bovenaan en de data waarmee je hem slim maakt, onderaan of ontbreken op de lijst. Draai die volgorde om. Begin met een lerend netwerk, geen aankoopcommissie: bedrijven die samen leren werkinstructies op video vast te leggen in een herbruikbaar formaat.
Dat is exact de aanpak waarmee we dit najaar het Lerend Netwerk Humanoids in het midden - en kleinbedrijf opstarten. We beginnen niet bij de robot, maar bij Instant Productivity, een tool waarmee je werkinstructies snel digitaliseert en een bruikbare basis legt voordat er één robot in beeld komt. Niet om robots te verkopen, maar om bedrijven te helpen bouwen aan data die hen over twee, drie jaar echt klaarmaakt. Wil je aansluiten? Meld je, dan zet ik je op de lijst.
Van dure aanschaf naar verstandige investering
Waarom nu? Omdat het momentum er is. Op 15 en 16 september komt heel robotisch Nederland tijdens FuturePulse samen in het Evoluon in Eindhoven, tijdens de eerste Nederlandse roboticaconferentie, met cognitieve robotica hoog op de agenda. Dat wil je als bedrijf en organisatie niet aan je voorbij laten gaan.
Het vraagt wel om een andere houding: we zijn in de maakindustrie goed in het kopen en laten draaien van machines, maar minder goed in het vastleggen van data als bedrijfsmiddel. Precies daarom doe je dit niet alleen: met een paar collega-ondernemers uit de regio leer je sneller dan in je eentje.
Ik snap de verleiding om te wachten tot de techniek ‘af’ is en dan in één keer een humanoïde naar binnen te rijden. Maar wie wacht, koopt een robot die niets weet van jouw proces. Wie nu begint met vastleggen, koopt straks een robot die daar al iets van begrijpt. Dat is het verschil tussen een dure aanschaf en een verstandige investering.
Dus mijn advies aan elke ondernemer, elk bedrijf die nu naar humanoïden kijkt: zet die aankoop even op pauze. Pak een camera, leg je beste werkprocessen vast en begin daarmee vandaag. De robots komen heus wel.
De vraag is alleen of jouw bedrijf er dan klaar voor is, of nog moet beginnen.
NLrobotics op FuturePulse in het Evoluon
15 en 16 september, Evoluon Eindhoven: de eerste Nederlandse roboticaconferentie. Als directeur van NLrobotics ben ik mede-initiatiefnemer, want Nederland loopt voorop in robotica en AI en verdiende eindelijk een eigen podium.
Ik sta er als spreker en verbinder tussen mkb, wetenschap en beleid. Kom jij ook? Meld je aan via www.FuturePulse.nl.
Ontvang elke week het beste van BusinessWise in je mailbox, ook over technologie, ook over robotica. Schrijf je hier nu gratis in: