Zondagavond. Ineens krijgt hij een stroom van appjes. ‘Ben je Zomergasten aan het kijken? Een bekende psychiater vertelt daar hoe hij met inzichten uit de transitiewetenschap de GGZ wil veranderen en hij noemt je naam ook’.
Jan Rotmans zet de televisie aan en luistert naar Jim van Os, een invloedrijke stem en vernieuwer in de geestelijke gezondheidszorg. De X-curve uit zijn transitietheorie komt voorbij, het stap voor stap afbreken van het oude en het tegelijkertijd opbouwen van het nieuwe systeem. En ja hoor, Van Os benoemt ook die tussentijd van strijd en chaos.
Twee jaar geleden kreeg transitiehoogleraar Jan Rotmans te horen dat hij ongeneeslijk ziek is. Prostaatkanker, met naar verluidt uitzaaiingen in zijn hele skelet. Maar Rotmans weigert zich te laten reduceren tot een patiënt of ‘een verzameling bloedplaatjes’. Na een zeer slechte diagnose in Rotterdam (“een superscan”), eiste hij een second opinion in het Antoni van Leeuwenhoek in Amsterdam. Daar zagen twee teams van radiologen en oncologen iets compleet anders: niks superscan, geen uitzaaiingen in organen of bloed, maar slechts vier lokale plekken.
Cor Hospes sprak met Jan ook over de rauwe realiteit van leven in ‘blessuretijd’. Dat artikel lees je hier.
Weerstand en polarisatie tijdens een transitie
Rotmans: „Je hoort hoeveel weerstand hij krijgt bij de omslag die hij wil realiseren en ja, die herken ik. De ene helft vindt je een held, de andere gevaarlijk.” Die polarisatie is een goed teken, want die hoort bij een transitie. Met altijd de heersende macht als dwarsliggers. „Transitie gaat over een machtswisseling.”
“Dat is die stille revolutie. Die gaat langzaam, maar is onontkoombaar”
Jan Rotmans
Hij wijst naar de landbouw, die moet verduurzamen. De macht is daar in handen van grote agrobedrijven. Die steunen de boeren bij hun protestmarsen naar Den Haag, vertelt Rotmans. Maar de duizenden boeren die al aan het verduurzamen zijn, zie je nooit op het Malieveld. „Dat is die stille revolutie. Die gaat langzaam, maar is onontkoombaar.”
Een voorloper vangt de klappen op
Klappen krijgen als je binnen een transitie vooruitloopt. Rotmans weet niet beter. Als voetballer kreeg hij die al. Hij speelde jarenlang op redelijk hoog amateurniveau, vertelt hij. Twee keer in de week trainen, voetballen op zaterdag. Eerst bij SC Unicum, later bij VV Rijsoord. Soms voor 1.500 mensen.
Hij was spelverdeler, nummer tien. „Ik wilde gewoon die ballen hebben en daarmee iets goeds doen. Ik was niet zo snel, maar had wel een gouden rechtervoet. Daarmee kon ik die ballen neerleggen waar ik wilde. Ik kreeg een hoop trappen, ja, vanwege dat rechtervoetje. Een tegenstander had soms maar een opdracht: mij uitschakelen. Hoogst vervelend.”
Naast spelverdeler (‘deed ik later op mijn werk ook, kennis en informatie kwamen naar mij toe en ik moest ervoor zorgen dat die op de goede plek belandden’) draagt hij meestal ook de aanvoerdersband. „Ik houd ervan centraal te staan. Mijn zoon kwam een keer kijken en die zei, ik hoorde je al op de parkeerplaats.” Schelden en vloeken? „Ik was niet altijd positief. Dat veranderde naarmate ik ouder werd.”
Van het voetbalveld naar de academische wereld
Op een donderdagavond zat hij na de training met zijn teamgenoten in de kantine toen hij ineens op televisie was. Bij TROS Actua van Wibo van der Linden. Een interview over klimaatverandering, opgenomen in de duinen. Zijn medespelers zagen toen ineens zijn titels, vertelt Rotmans. Dokter, ingenieur en professor. Konden ze bijna niet geloven. Vanaf dat moment werd hij ook hard aangepakt op de training. Een professor hoort niet op een voetbalveld, vonden zijn teamgenoten. Twee jaar later hing hij zijn kicksen aan de wilgen. „Ik was op het veld letterlijk een mikpunt. Later op het gebied van klimaat en duurzaamheid. Dat is mijn lot.”
O ja, hij trekt altijd de aandacht, vertelt hij. Hij was ooit de jongste hoogleraar van ons land. „Ik wist dat ik goed was en dat zei ik ook.” Het is heel ongebruikelijk in Nederland als je dat zegt, weet hij. Alleen, hij werkte in Amerika, Duitsland en China: allemaal grote gedachten. „Dan kwam ik hier en was het gelijk van doe even normaal. Ik heb Nederland ooit een keer mentale Madurodam genoemd. Daar word je niet populair van.”
Het ongeluk dat leidde tot een nieuw inzicht
Rotmans behoort tot de grondleggers van de transitiekunde en bestudeert al decennia hoe systemen veranderen. Binnen de energiewereld, de landbouw, de bouw, de zorg en het onderwijs. In de zomer van 2004 fietst hij op zijn racefiets door de Pyreneeën. Tijdens de afdaling van de vermaarde Col d’Aubisque gaat het mis. Een auto, uitwijken, slecht wegdek, bam: snoeihard op zijn snufferd. Hij ontwaakt in een ziekenhuis in Lourdes. Alles in zijn gezicht is gebroken. „Ik droeg voor het eerst een helm op mijn racefiets. Die heeft mij gered. Zonder die helm had ik mijn nek gebroken.”
Hij lag bijna een jaar plat. Drie maanden met een kaakfixatie. Hij viel kilo’s af. En hij vroeg zich steeds meer af: wat ben ik eigenlijk aan het doen? Doe ik wel wat ik wil? Hij probeerde als wetenschapper mensen te overtuigen met kennis. Met het hoofd. Maar dat is niet genoeg. „Wat voor impact had ik nou? Ik bereikte met die kennis ook nauwelijks mensen buiten de wetenschap.”
Lees ook: Jan Rotmans: ‘Ik sta hier niet als patiënt, maar als mens met een aandoening’
Van wetenschapper naar activist voor verandering
Hij neemt dat jaar een besluit: hij wil niet langer alleen onderzoeken hoe de wereld verandert, maar die verandering ook zelf aanjagen. „Je verbindt mensen niet met kennis via het hoofd. Daarmee krijg je die niet in beweging. Dat doe je als je iets voelt in je hart. Dan pas ga je veranderen.”
Van scientist vormt hij zich om tot scientivist. Een wetenschapper en activist tegelijk. Hij richtte Urgenda op, later volgden Nederland Kantelt, Zorgeloos, Education in Transition en de Gideonsbende. Zijn transitietheorie krijgt steeds meer praktische handen en voeten waarmee je van onderaf bestaande systemen kunt laten kantelen.
“Zo gaat een transitie. Jarenlang verandert er van alles in de onderstroom, totdat het nieuwe ineens gewoon wordt”
Jan Rotmans
De groeiende onderstroom in de maatschappij
Volgens Rotmans zijn we op dat kantelpunt aangekomen. „Daarvoor heb je 25 procent van de samenleving nodig.” Bijna veertig procent van de Nederlandse huishoudens heeft zonne-energie. Ongeveer 35 procent woont in een goed geïsoleerd huis en 15 procent heeft een warmtepomp. „Toen ik begon was dat allemaal nul.”
Veel mensen die onderdeel zijn van de revolutie beseffen dat zelf niet. Rotmans vergelijkt het met padel. „Vijf jaar geleden had niemand het over die sport. Nu worden tennisbanen omgebouwd tot padelbanen. Zo gaat een transitie. Jarenlang verandert er van alles in de onderstroom, totdat het nieuwe ineens gewoon wordt.”
Ook in het bedrijfsleven ziet hij de onderstroom groeien. Het aantal social enterprises in ons land blijft groeien. Grote multinationals zijn hardnekkiger, zegt hij. Aandeelhouders en bestaande belangen houden daar het oude denken overeind. Maar ook daar groeit de druk om het anders te doen. „Jongeren willen niet meer voor die grote bedrijven werken en ja, dan krijgen ze een probleem.”
Verbinding zoeken en handelen vanuit het hart
Waar Rotmans vroeger vooral op zijn kennis koerste, spreekt hij vandaag vooral vanuit zijn hart over gevoel en emotie. Dat heeft voor hem niks met matjes en zweverigheid te maken.
„Het gaat erom dat je de verbinding in jezelf zoekt. Tussen hoofd, hart, buik en handen. Die was ik lang kwijt. En dat je verbinding zoekt met de natuur en het universum.”
Hij vertelt over de vlam die in hem ontbrandde op de Noordpool. „Ik werd daar echt geraakt door de kwetsbaarheid en de schoonheid van de natuur. Ik voelde me daar echt onderdeel van.” Hij dacht: dit moet ik vasthouden en overdragen. „Dan word ik een soort medium. Ik krijg ideeën en energie en die geef ik door aan anderen. Dan heb ik veel meer impact.”
Niks zweverigs, maar met twee Rotterdamse voeten op de grond. Hij noemt het resonantie. Een begrip uit de muziek. „Je maakt een grapje op een podium en mensen slaan erop aan. Ik krijg tranen en mensen krijgen die ook. Soms laat ik dan een voorbereid verhaal helemaal los. Minder sheets, meer contact. Als ik dan vijf procent van de mensen in een zaal raak, is het voor mij gelukt.”
Vijf procent. Voor iemand die weet hoe een kleine voorhoede een compleet systeem kan laten kantelen, ja, is dat helemaal niet zo weinig.
Jan Rotmans spreekt 17 september op het derde Nationaal CommunicatieFest. Thema: ‘New Thinking’. Er zijn nog kaarten.
Ontvang elke week het beste van BusinessWise in je mailbox. Schrijf je hier nu gratis in: