Managers willen best iets minder stress, iets minder meetings en iets minder gezeur. Maar de kpi’s draaien toch vooral om groei. Meer winst. Meer omzet. Meer van alles.
Maar steeds vaker hoor ik bestuurders en ondernemers pleiten voor minder. Zo voorspelde Jeroen van Glabbeek, medeoprichter en ceo van het beursgenoteerde techbedrijf CM.com, onlangs op een podium dat zijn bedrijf nooit meer werknemers zal tellen dan nu. Ook als de omzet stijgt (wat hij verwacht), rekent hij erop dat hij dankzij AI nooit meer extra banen hoeft te scheppen. Hij keek er bijzonder blij bij.
Natuurlijk is het niet voor het eerst in de bedrijfskundige geschiedenis dat bestuurders een dromerige blik in de ogen krijgen bij de gedachte dat werk zich laat automatiseren. Desondanks bleef ‘meer’ het leidende adagium. Met als altijd slechts een enkele uitzondering, om de regel te bevestigen.
In dit geval Yvon Chouinard, de iconische oprichter van Patagonia, die ooit openlijk afscheid nam van de ambitie die hij bij eigenlijk iedere ondernemer bespeurde: ‘endless growth for the sake of growth’.
Thomas Piketty: minder werken voor een beter klimaat
‘Minder’ is ook het woord dat beklijft in het rapport dat Thomas Piketty begin deze maand presenteerde. Afgezien van een reeks publicaties in NRC kreeg dat Global Justice Report in ons land nauwelijks aandacht.
Opvallend.
Niet alleen omdat de Fransman doorgaans wordt aangeduid als ster-econoom, waardoor normaliter alles wat hij publiceert op interesse kan rekenen, maar ook omdat de exercitie die hij uitvoerde zich gerust opmerkelijk laat noemen. Het is namelijk voor het eerst dat de zorgen over een groeiende vermogensongelijkheid in de wereld worden gekoppeld aan de vrees voor een ongezonde opwarming van de aarde.
Lees ook - ‘Juich geroddel toe, ook op de werkvloer’, vindt Paul van Riessen
Volgens Piketty en de veertig slimme koppen met wie hij een team vormde, zijn beide problemen gelijktijdig op te lossen. Als we op een andere manier naar het begrip welvaart kijken, kunnen we onze planeet qua temperatuur leefbaar houden en verhitte discussies over ongelijkheid afkoelen. Maar dan moeten we wel bereid zijn te accepteren dat groeien om het groeien niet meer kan. Sterker nog: we zullen in onze contreien moeten afschalen.
De redenatie is eenvoudig te volgen, althans: in gesimplificeerde vorm. Als we minder gaan werken, gaan we minder spullen maken, minder spullen kopen en dus ook minder CO2 uitstoten.
Een 25-urige werkweek en 12 weken vakantie als nieuwe norm
Concreet bepleit Piketty dat over maximaal 75 jaar een werkweek van 25 uur de wereldwijde norm is. Niet minder, niet meer. Dat klinkt voor ons land niet onhaalbaar. In sommige bedrijven geldt immers nu al 32 uur als fulltime, bijna de helft minder dan wat begin vorige eeuw gebruikelijk was. Dus die paar uur extra kan er vast nog wel af. Wel belangrijk is dat we met z’n allen ook nog eens 12 weken per jaar vakantie nemen.
Qua inkomen gaan we er wel op achteruit. Vijfduizend euro per maand mag er volgens de sommetjes van Piketty overblijven. Maar, zo verzacht hij: de financiële terugval wordt gecompenseerd met vrije tijd. En ook dat heeft z’n waarde. Dat we het niet meer kunnen opbrengen om die vrije tijd te vullen met verre reizen is alleen maar prima. Daar wordt de planeet immers niet beter van.
Vermogensongelijkheid aanpakken om duurzaamheid te financieren
Piketty wil zijn wereldhervormende plannen, die in zijn model een mondiaal gelijk welvaartsniveau opleveren, goeddeels financieren door de superrijken zwaarder te belasten. Die gedachte is dan weer een stuk minder baanbrekend, want met dat pleidooi vestigde hij in 2013 zijn naam.
De allerrijksten zullen jaarlijks 20 procent van hun bezittingen moeten inleveren. En de grootstverdieners dienen 90 procent van hun inkomen af te staan. Idealiter te betalen in een nieuwe mondiale munt die onder auspiciën van de Verenigde Naties moet worden uitgegeven.
Dat gegrabbel in hun portemonnee zullen die rijken niet leuk vinden, nee. Ook niet als ze weten dat er een enorm investeringsfonds mee wordt gevuld. Maar als 99 procent van de wereldbevolking erop vooruitgaat, is dat de concessie die we als maatschappij mogen verlangen, meent Piketty.
Voor de brede acceptatie van die stelling kreeg de econoom onbewust steun van Elon Musk. Die werd anderhalve week na de publicatie van het rapport namelijk de eerste biljonair op aarde.
Zelfs verstokte liberalen beginnen dat wel een beetje gortig te vinden, ook zij durven nauwelijks nog te beweren dat het moreel acceptabel is dat een enkele persoon net zo rijk is als de 46 procent armste mensen op aarde, zoals Oxfam Novib voor de beursgang van SpaceX becijferde.
Wanneer zijn we rijk genoeg?
Piketty benadrukt in gesprek met NRC overigens dat zijn rapport niet moet worden gezien als blauwdruk. Dat getuigt wel van enig realisme, want het gooit de hele manier waarop onze samenleving is ingericht dusdanig op z’n kop, dat het ondenkbaar is dat het ooit ten uitvoer wordt gebracht. Maar de echte waarde is natuurlijk dat het ons aan het denken zet. Bijvoorbeeld dat de belangrijkste economische vraag niet is hoe we rijker worden, maar wanneer we vinden dat we rijk genoeg zijn.
Paul van Riessen presenteert At the Top
Paul van Riessen is expertblogger bij BusinessWise, maar ook presentator van At the Top. Dit is een wekelijks radioprogramma op New Business Radio, live op vrijdag om 12.00 uur en de dag erna terug te luisteren op je favoriete podcastkanaal.
Meer expertblogs van Paul? Dan is er deze link.
Ontvang elke week het beste van BusinessWise in je mailbox. Schrijf je hier nu gratis in: