Twee uur extra werken voor de economie? Hoogleraar Paul de Beer legt uit waarom dat averechts kan werken
Als deeltijders per week twee uur extra werken, zou dat de economie miljarden opleveren. Maar meer betaald werk betekent niet automatisch meer welvaart. Kansen zijn er wel degelijk, mits werkgevers eerst het werk anders organiseren. „We hoeven niet met elkaar te bespreken of iedereen fulltime moet werken.”
Twee uur extra per week: het klinkt als een bescheiden bijdrage aan het oplossen van de personeelstekorten. Maar volgens een rapport van RaboResearch kunnen die twee extra uur per week de economie jaarlijks 35 miljard euro opleveren, en het CBS verwacht circa 180.000 voltijdbanen.
Toch roept de oproep aan deeltijdwerkers fundamentele vragen op. Wat gebeurt er met de zorg die zij thuis verlenen? Willen werkgevers daadwerkelijk grotere contracten aanbieden? En hoeveel ruimte zit er nog bij mensen die hun werk combineren met kinderen of mantelzorg?
Paul de Beer, emeritus-hoogleraar arbeidsverhoudingen, herkent de redenering achter de oproep. „Er wordt altijd gezegd dat als we meer werken, we meer produceren en welvarender worden. Dat is een simpele gedachtegang.”
Vrije tijd heeft ook waarde
De Beer ontkent niet dat extra uren tot meer productie kunnen leiden. Zijn bezwaar is dat daarmee slechts een deel van de rekening wordt opgemaakt. „Het is natuurlijk waar dat je in beginsel meer kunt produceren als je meer uren werkt. Dat wil echter niet zeggen dat we dan welvarender zijn, want vrije tijd heeft ook waarde.”
Tijd om te herstellen, voor anderen te zorgen of iets prettigs te doen, moet volgens hem worden meegewogen. Wie vrijwillig deeltijd werkt, kan die tijd belangrijker vinden dan extra inkomen. Dwingen tot meer uren zou de persoonlijke welvaart dan juist verlagen.
Wieteke Graven, oprichter van Het Potentieel Pakken (HPP), vindt dat de discussie te snel verzandt in voor of tegen deeltijd. Haar stichting helpt werkgevers obstakels weg te nemen voor medewerkers die meer willen werken, vooral in de zorg en kinderopvang. Daar ziet de werkweek er anders uit dan bij een kantoorbaan van vier dagen.
„Voor die mensen betekent een contract van 24 uur in de zorg wel vaak dat je vier of vijf keer per week naar je werk moet, omdat je kortere diensten en dagen draait.” Het gaat haar om bescheiden stappen, bijvoorbeeld van 20 naar 24 uur. „We hoeven niet met elkaar te bespreken of iedereen fulltime moet werken, dat is de verkeerde discussie.”
“De schuld aan parttimers geven is simpelweg onzin”
Paul de Beer Emeritus-hoogleraar arbeidsverhoudingen
Niet de schuld van parttimers
De Beer vindt dat werkgevers vooral naar hun eigen aanbod moeten kijken. Waarom willen medewerkers geen grotere contracten? Is de beloning onvoldoende, het werk te zwaar of zijn er zorgtaken waarvoor geen oplossing bestaat? „Het hoort bij de afweging van een ondernemer om zich af te vragen of de middelen beschikbaar zijn voor wat hij wil produceren.”
Bij onvoldoende personeel moeten werkgevers volgens hem ook andere keuzes overwegen, zoals investeren in technologie. Deeltijders verantwoordelijk maken voor onvervulde vacatures gaat hem te ver. „De schuld aan parttimers geven is simpelweg onzin.”
Bovendien kunnen kleine contracten juist voortkomen uit werkgeverskeuzes, benadrukt hij. Bijvoorbeeld omdat het werk zwaar is of omdat medewerkers alleen tijdens piekuren nodig zijn. Urenuitbreiding vraagt dan om aanpassing van de organisatie.
Taken anders verdelen
Daar ziet Graven mogelijkheden voor. Ze noemt het voorbeeld van een zorgmedewerker die voor 24 uur zes keer vier uur komt werken. Als dat vier keer zes uur wordt, blijven er twee extra dagen vrij. Vervolgens kan er ruimte ontstaan voor enkele aanvullende uren, terwijl iemand nog steeds minder vaak naar het werk hoeft.
Dat vereist wel dat taken anders over de dag worden verdeeld. Medicatie heeft vaste momenten, maar bepaalde verzorging, gesprekken en therapieën kunnen volgens haar worden verschoven. „Niet iedereen hoeft in hetzelfde uur gedoucht, gewassen en aan tafel te zitten. Zo kunnen langere diensten samengaan met meer rust en persoonlijke aandacht.”
Extra werk kan ook extra werk veroorzaken
Op macroniveau plaatst De Beer nog een kanttekening. Deeltijders verrichten buiten hun baan vaak onbetaalde werkzaamheden. Als zij meer betaald werken, moet iemand anders mogelijk de kinderen opvangen of mantelzorg overnemen. „Aan de ene kant los je het personeelsprobleem op, maar aan de andere kant creëer je een nieuw personeelsprobleem in de kinderopvang.”
Ook extra inkomen kan volgens hem nieuwe arbeidsvraag oproepen: wie meer verdient en consumeert, doet een groter beroep op bedrijven en hun personeel. Extra arbeidsaanbod vermindert de krapte daardoor volgens hem minder vanzelfsprekend dan een optelsom van uren suggereert.
“Alhoewel ons werk in de praktijk laat zien dat de financiële prikkel belangrijk is, is werkplezier nog steeds een belangrijke reden om meer te gaan werken”
Wieteke Graven Oprichter Het Potentieel Pakken
Werkplezier belangrijke reden
Voor Graven blijft er op de werkvloer wel ruimte om capaciteit te winnen. Maar dan moeten de extra uren ook financieel voldoende opleveren. Volgens onderzoek van HPP levert meer werken voor één op de vijf zorg- en kinderopvangmedewerkers netto minder dan 12,50 euro per extra uur op, na de financiële gevolgen van urenuitbreiding.
Tegelijk waarschuwt ze voor de algemene overtuiging dat meer werken nauwelijks loont. „De uitkomst verschilt per medewerker. De WerkUrenBerekenaar, die we met het Nibud ontwikkelden, biedt medewerkers inzicht in de gevolgen voor hun besteedbare inkomen. Hoewel ons werk in de praktijk laat zien dat de financiële prikkel belangrijk is, is werkplezier nog steeds een belangrijke reden om meer te gaan werken.”
Voorkom overbelasting
Meer uren zijn geen winst als medewerkers daardoor uitvallen. De Beer waarschuwt voor die mogelijkheid wanneer onbetaalde taken boven op een grotere baan blijven komen. „Als je dat niet oplost en mensen naast hun extra werkuren hun onbetaalde taken behouden, ervaren ze hogere werkdruk en stress.”
Dan bestaat volgens hem het risico op hoger verzuim en een burn-out. „Het is een waarschuwing voor overbelasting, geen vaststelling dat twee uur extra automatisch tot meer uitval leidt.”
Graven benadrukt daarom vrijwilligheid en maatwerk. „Druk uitoefenen of zeggen ‘gij zult’ is compleet onsuccesvol. Een leidinggevende kan beter vragen welke voorwaarden enkele extra uren mogelijk zouden maken. Spreek bijvoorbeeld een proefperiode af, met de mogelijkheid terug te gaan als het niet werkt.”
Lees ook: Pleidooi Brekelmans voor 5-daagse werkweek gekraakt: meer werken lost niets op
Veel verantwoordelijkheid ligt uiteindelijk bij werkgevers. Meer capaciteit vraagt om aandacht voor de omstandigheden waaronder mensen werken. Voor Graven zit juist daar het lastige deel: roosters veranderen, financiële duidelijkheid bieden en individuele gesprekken voeren kosten tijd. „Terwijl het rooster voor morgen vaak al niet rondkomt. Op papier klinkt het allemaal heel logisch, maar de weerbarstigheid van de praktijk is groot.”
Zo vul je meer uren in
Begin bij het rooster. Onderzoek of langere diensten en minder opkomstdagen ruimte maken voor extra uren, zonder dat medewerkers vaker naar hun werk hoeven.
Vraag naar voorwaarden. Vraag niet alleen: ‘Wil je meer werken?’, maar ook: ‘Wat heb jij nodig om meer te kunnen werken?’ Respecteer ook een ‘nee’.
Maak de financiële opbrengst inzichtelijk. Gebruik de WerkUrenBerekenaar om samen te bekijken wat extra uren betekenen voor het inkomen, inclusief toeslagen en kinderopvangkosten.
Bewaak de totale belasting. Bespreek naast het werk ook zorgtaken en herstelruimte. Een groter contract moet passen bij wat iemand kan volhouden.
Spreek een proefperiode af. Probeer de urenuitbreiding enkele maanden, evalueer het rooster en de belasting, en bied ruimte om terug te gaan als het niet werkt.
Ontvang elke week het beste van BusinessWise in je mailbox. Schrijf je hier nu gratis in: